earthboomklein.gif (4141 bytes)

Start Opinie & video Facts Feedback Links

De tekst van dit artikel (de illustraties niet) hebben we overgenomen van actieblad Ravage. Het is de kortere versie van het artikel wat u op www.wereldcrisis.nl kunt lezen. Die laatste, lange versie, wordt bovendien regelmatig geupdate.

Hersenschimmen en propaganda

Amerika's aanval op Irak


Het is waarschijnlijk dat de Verenigde Staten ergens in de komende vier maanden Irak zullen aanvallen. De redenen die de regering Bush hiervoor aangeeft, vormen onderdeel van een propagandacampagne waarmee onwillige bondgenoten moeten worden overtuigd de noodzaak van zo'n aanval in te zien. Karel Koster schetst de achterliggende motieven en belangen van de VS.


Het buitenlandse beleid van de regering-Bush wordt bepaald door de strijd tegen de 'axis of evil' en het principe van de 'pre-emptive war'. Dit laatste wil zeggen dat als een staat ergens ter wereld een dreiging vormt, de VS het als haar goed recht beschouwen om dat land aan te vallen, voordat er enige oorlogshandeling tegen de VS heeft plaatsgevonden.
Daarnaast moet ook nog het 'Nuclear Posture Review' genoemd worden. In het dit voorjaar deels uitgelekte document over de Amerikaanse nucleaire doctrine wordt expliciet de mogelijkheid opengehouden om zelf als eerste met kernwapens aan te vallen.

Legitimatie
De oorlog tegen het terrorisme dient als legitimatie voor een groot aantal Amerikaanse beleidsstappen, zowel in binnen? als buitenland. Deze oorlog werd ingezet als Amerikaanse reactie op de aanslagen van 11 september en had als doel het opsporen en vernietigen van het Al Qaeda netwerk.
Dit netwerk was deels gesitueerd in Afghanistan, beschermd door het streng?islamitische Taliban regime. De verwevenheid van de twee organisaties verschaften de VS een excuus om Afghanistan binnen te vallen, met als doel het vernietigen van de Al Qaeda infrastructuur in dat land en het oppakken dan wel doden van de leiding.
Het was dus mogelijk om een verband te leggen tussen terrorisme en een bepaalde geografische lokatie waar de terroristen konden worden opgespoord en aangevallen. Zo werden enkele oppervlakkige 'overwinningen' behaald.
De aard van een terreurorganisatie brengt immers met zich mee dat ze ondergronds opereert. In het geval dat de leden van zo'n groepering een overweldigende macht tegenover zich vinden, zullen ze zich verbergen, aangezien een gevecht dwaas zou zijn. De oorlog tegen het terrorisme kan dan ook slechts deels onconventioneel worden uitgevochten. Het is in wezen een operatie van de politie? en inlichtingendienst die veel tijd kost en niet gebonden is aan een geografische lokatie.
Dit was zo op 12 september en geldt vandaag nog steeds. Het impliceert dat de 'oorlog tegen het terrorisme' gefaald heeft, omdat de leiding van Al Qaeda zichzelf grotendeels in veiligheid heeft kunnen stellen. De aanval op de Taliban was dan ook slechts ten dele verbonden aan deze deels fictieve oorlog tegen het terrorisme: het had tot doel om de Amerikaanse invloed in Afghanistan en Centraal-Azië veilig te stellen.

Islam
Er is echter een andere ideologische component die te maken heeft met de voedingsbodem voor terrorisme. Die is verbonden met de algemene ideologische strijd tussen de American way of life (eigenlijk ook de Europese) en een deel van de islam dat zich afzet tegen de moderniteit, tegen de globalisering van de westerse economische macht.
Hoe sterk die tegenstand is valt moeilijk te zeggen. Ze is niet alleen gebaseerd op de vermeende religieuze superioriteit van bepaalde stromingen binnen de islam, maar is ook een reactie op een aantal aspecten van het Amerikaanse beleid: de onvoorwaardelijke steun voor Israël tegen de Palestijnen plus de voortdurende aanwezigheid en ontplooiing van de Amerikaanse militaire macht en economische invloed in de Golf-regio en nu ook in Centraal-Azië.
Deze krachten gaan ervan uit dat het mogelijk is om deze Amerikaanse machtontplooiing te verslaan. Ze vormen de rekruteringsbasis voor de organisaties die bereid zijn om tegen de VS of haar bondgenoten ten strijde te trekken.
Het is deze massabasis voor het terrorisme dat delen van de Amerikaanse politieke elite zorgen baart. De crux is dat de oorlog tegen het terrorisme niet gewonnen kan worden zonder dat deze voedingsbodem ook wordt verslagen. Dat is echter alleen mogelijk als er ergens een grote aantoonbare overwinning kan worden behaald, niet alleen strikt militair, maar ook politiek. Irak biedt de mogelijkheid om zo'n overwinning te behalen op een belangrijke islamitische staat, ondanks de bijzonder hoge risico's die verbonden zijn aan deze oorlog.
In een later stadium zullen ook andere 'terroristenstaten' van de 'As van het kwaad' worden aangevallen: Iran, Noord?Korea en in een nog later stadium wellicht China. Onder de nieuwe Amerikaanse politieke oorlogsdoctrine zal dit gebeuren zodra de VS deze staten heeft gedefinieerd als een gevaar voor haar eigen veiligheid.

Olie
De materiële reden voor de oorlog is de kwestie van controle over de wereldolievoorraden. Het gaat niet alleen om het controleren van de aanvoer van olie naar de VS maar ook om de controle over de olietoevoer naar alle potentiële concurrenten van de VS, waaronder Japan, China en Europa.
Saoedi-Arabië speelt al tientallen jaren lang een cruciale rol als pro?westers 'tankstation'. De vervlochtenheid van delen van de Saoedische elite met het netwerk van Al Qaeda heeft echter ernstige gevolgen voor de Amerikaanse politiek. Zoals recentelijk bleek bij een Pentagon briefing, zou het land net als Iran en Irak wel eens als een vijand kunnen worden beschouwd door de VS. De recente ontwikkelingen in Saoedi-Arabië wijzen op een mogelijke anti?Amerikaanse wending.
Een aanval op Saoedi-Arabië is wellicht nog niet opportuun: in ieder geval is het logisch om controle over een zo groot mogelijk deel van de olie-reserves in de wereld te bewerkstelligen. Daar hoort ook het beheersen van de Centraal-Aziatische olievoorraden bij, de toenadering van Rusland en de couppoging in Venezuela. Cruciaal is hier de Amerikaanse voorwaarde dat de regeringen in olieleverende landen pro?Amerikaans zijn. Overigens betekent deze redenering ook dat vroeg of laat Saoedi-Arabië en Iran moeten worden aangepakt.

Massavernietigingswapens
De VS dulden geen concurrent, of combinatie van concurrenten, zeker niet in strategisch belangrijke gebieden. Dit betekent dat de proliferatie van Weapons of Mass Destruction (WMD) een cruciale zaak is voor elke Amerikaanse regering, aangezien daarmee het monopolie op massavernietigingswapens van de kernwapenstaten kan worden aangetast en de handelingsvrijheid van de VS kan worden beïnvloed.
De bedreiging van Amerikaans grondgebied door massavernietigingswapens is een steeds terugkerend thema in de rationalisatie voor het bouwen van een raketschild en het 'recht' van de VS om als eerste aan te vallen. Ook volgens minister De Hoop Scheffer van Buitenlandse Zaken vormt de dreiging met deze wapens de legitimatie om Irak onder druk te zetten.
Het bewijs dat Irak beschikt over massavernietigingswapens zou geleverd zijn door een rapport van het VN-inspectieteam uit 1998. Deze teams zijn echter sinds dat jaar niet meer in Irak geweest. Een deskundige van dat team, die begin augustus voor de Amerikaanse senaat getuigde, kon redelijk aannemelijk maken dat er aanzienlijke voorraden chemische en biologische wapens aanwezig zijn in Irak.
De Amerikaanse propaganda heeft het steeds over een scenario waarbij Irak massavernietigingswapens levert aan terroristen die de VS kunnen bedreigen (uiteraard wordt hierbij veelvuldig naar de aanslagen van 11 september gewezen). Het is moeilijk in te schatten hoe groot deze dreiging is. Het lijkt niet rationeel voor Saddam Hoessein om de controle over zijn massavernietigingswapens weg te geven: dat kan zich immers ook tegen hem keren. Het is waarschijnlijker dat hij ze houdt voor eigen gebruik.

Irrationeel
De deskundigen zijn echter verdeeld over de mate van ontwikkeling van de Irakese massavernietigingswapens en in hoeverre die een bedreiging vormen voor de VS. In ieder geval is die nauwelijks geloofwaardig gelet op de bestaande wapensystemen van Irak. Mogelijkerwijs is er een aantal draagraketten die Israël kunnen bereiken met een biologische of chemische kop. Daarnaast zijn er ook berichten geweest over onbemande vliegtuigen uitgerust met sproei-installaties geschikt voor het inzetten van chemische en biologische wapens.
Door het concept van samenwerking met terroristische organisaties in te voeren wordt een constructie mogelijk gemaakt waarbij massavernietigingswapens worden overgedragen aan Al Qaeda of anderen die ze via haar eigen middelen (zie 11 sept) inzet, eventueel zonder Irakees 'visitekaartje'.
Het afschilderen van deze capaciteit als een reële bedreiging berust op een nogal zwakke vooronderstelling: namelijk dat de Irakese regering het zinvol zou vinden om die wapens in te zetten, of dat ze dreigen deze in te zetten. Als de bron van de aanval wordt herleid naar Irak dan zou een aanval op Israël of de VS suïcidaal zijn. De vraag is ook waarom Hoessein dit zou doen. Wat zou de politieke logica zijn als het eerste belang van de Irakese regering is om aan de macht te blijven?
Daadwerkelijke inzet wordt waarschijnlijker als de overleving van het Irakese bewind in het geding is. Dus bijvoorbeeld als reactie op een Amerikaanse inval die het voortbestaan van het regime bedreigt. Dreigementen met dit soort wapens richting omringende landen raken desalniettemin ook al snel aan Amerikaanse belangen. De VS hebben een veelvoud van middelen om een tegenaanval op Irak uit te voeren.
De theorie van de dreiging vereist dus dat de huidige Irakese regering in de huidige situatie irrationeel handelt. De vraag is of de Amerikaanse regering dit ook gelooft of dat men dit gewoon gebruikt als nuttige propaganda: de 'gekke dictator' die met biologische en chemische wapens begint te smijten. Grote delen van de westerse media raken momenteel steeds meer in de ban van dit beeld. Het werkelijke uitgangspunt van de VS hierin is van groot belang voor de aanvalsplannen op Irak.

Bondgenoten
Vooralsnog zijn er maar weinig landen die de Amerikaanse aanvalsplannen steunen. De officiële opstelling van een aantal bondgenoten, waaronder vooral Duitsland en in mindere mate Frankrijk, is voorlopig nog afwijzend. In andere landen zijn de meningen sterk verdeeld.
Volgens berichten in de Amerikaanse pers en de Financial Times zou er verdeeldheid zijn in het Britse kabinet en zouden twee ministers (Short, Straw) opstappen in het geval van Britse deelname aan een aanval. Begin september gaf Blair echter blijk van voortgezette steun aan een eventuele Amerikaanse aanval van Irak. Daarin werd hij gesteund door de Nederlandse regering. De opiniepeilingen in het Verenigd Koninkrijk wijzen echter op een meerderheid tegen Britse deelname.
In Turkije wordt zelfs door een deel van de generaals getwijfeld aan de wijsheid van een aanval. Men maakt zich bezorgd over een opbloeiende Koerdische oppositie, ook in eigen land. De Koerdische KDP heeft eind augustus ernstige waarschuwingen geuit tegen het inzetten van Turkse troepen in haar gebied in Noord?Irak. Mogelijkerwijs hebben de VS IMF-leningen plus de olievelden van Kirkoek toegezegd aan Turkije.
Tijdens een EU-conferentie in Denemarken bleek dat de meeste EU-landen voorstander zijn van het eisen van hervatting van de wapeninspecties. Maar ze willen dat eerst alle wegen via de VN worden bewandeld. De mogelijkheid voor latere militaire operaties wordt opengehouden.
Een begin september bekend gemaakte internationale opiniepeiling, (in opdracht van de Amerikaanse Atlantische lobbygroepen German Marshall Fund en de Chicago Council on Foreign Relations) gehouden in een zestal NAVO-lidstaten inclusief de VS en Nederland, gaf aan dat er in juni grote steun was voor een eventuele aanval op Irak, mits gesteund door de Veiligheidsraad. Het bekendmaken van de resultaten was duidelijk bedoeld om de meningsvorming te beïnvloeden: niet zozeer voor een oorlog, maar voor het behouden van de transatlantische band in de besluitvorming naar zo'n oorlog.
Bedenkingen
De Amerikaanse regering zelf is verdeeld. De invloedrijke haviken Cheney, Rumsfeld en Wolwowitz hebben de veiligheidsadviseur Condoleezza Rice en president Bush overgehaald om een aanval uit te voeren. Minister van Buitenlandse Zaken Powell trekt echter de andere kant op, vooral met het oog op de politieke gevolgen in de islamitische wereld.
De Joint Chiefs of Staff hebben ernstige bedenkingen tegen de militaire haalbaarheid zonder grote Amerikaanse verliezen. Belangrijke Republikeinse woordvoerders, waaronder voormalig adviseur Scowcroft en minister van Buitenlandse Zaken Kissinger, plus de leider van de Republikeinse meerderheid in de House of Representatives Markey, hebben bedenkingen vanwege de internationale politieke gevolgen of zijn tegen.
De publieke opinie was begin augustus in meerderheid voor een aanval, maar die slaat om in een minderheid bij grote Amerikaanse verliezen. Hoe dan ook wil de meerderheid van het publiek dat het Congres geraadpleegd wordt en wellicht ook toestemming geeft voor een oorlog. In 1990 was dat nog een spannende zaak. De leiders van het Congres zijn begin september ingelicht door de regering over de noodzaak van een oorlog.
Premier Blair zal vlak voor de partijconferentie van zijn Labourparty pogen de bewijzen te leveren van het Irakese massavernietigingswapens-programma. De luidruchtige presentatie van het IISS rapport op 9 september wekte de suggestie dat de bewijzen al geleverd zouden zijn. In feite stond er nauwelijks iets nieuws in.

Represailles
Ook de Palestijnse kwestie speelt een rol. Delen van de Amerikaanse regering zien het belang in van een minder pro?Israëlische stellingname, maar dit valt niet te bewerkstelligen voor de Amerikaanse Congresverkiezingen van 5 november. De joods?Israëlische lobby kan enige invloed uitoefenen op het resultaat. Mogelijkerwijs zal men na de verkiezingen een beperkte draai maken om te proberen de Arabische tegenstand in de regio te verminderen.
De Arabische landen in de directe omgeving van Irak kunnen de gevolgen van represailles ondervinden van Irak, of andere problemen met hun inwoners als de Irakese bevolking ernstig lijdt onder de aanval. De invloed van de islamitische oppositie (geen vreemde troepen in het heilige land) is ook van belang, vooral voor Saoedi- Arabië. Dit heeft aanvallen vanuit haar grondgebied verboden (overvluchten zijn vermoedelijk toegestaan). Jordanië verklaarde ook geen aanvallen toe te staan, maar er worden momenteel wel Amerikaanse oefeningen in dat land gehouden, en repressieve maatregelen genomen tegen dissidenten.
Syrië is een apart geval, omdat er nog steeds sprake is van een confrontatie met Israël over de Golan hoogvlakte. Mogelijkerwijs valt Israël in het geval van oorlog Syrië aan om te verhinderen dat dit land steun verleent aan Irak. Een aantal kleinere golfstaten, waaronder Koeweit, Qatar, Verenigde Arabische Emiraten en Oman, verleent steun aan de VS en Groot-Brittannië.
Luchtmachtbases worden uitgebreid en een cruciaal hoofdkwartier is overgeplaatst van Saoedi-Arabië naar Qatar. In Koeweit is al een grote hoeveelheid Amerikaans materiaal aanwezig in depots. Volgens een recente schatting zijn er al honderdduizend man Britse en Amerikaanse grondtroepen in de regio aanwezig.

Argumenten
Een bij voorstanders belangrijk argument voor een aanval op Irak is dat de Irakese bevolking het wil. Volgens woordvoerders van het Irakese verzet zal een serieuze aanval op Irak de onmiddellijke instorting van het regime tot gevolg hebben. Het leger zal in opstand komen en zelf Saddam omverwerpen. Op deze redenatie is een deel van een mogelijke Amerikaanse strategie gebaseerd.
Een ander argument is dat volgens een deel van de wapeninspecteurs van de UNSCOM het inspectieregime niet werkt en Irak nog steeds massavernietigingswapens bouwt. Daarom is hervatting van de inspecties noodzakelijk, zo niet dan moet Saddams' bewind omver geworpen worden.
Sommige experts vergelijken de activiteiten van de Irakese regering met die van de Duitse regering na de Eerste Wereldoorlog. Toen werd er ook in het geheim weer een leger opgebouwd, een proces dat onder Hitler versnelde en leidde tot oorlog. Sommige Atlantische politici betogen dat meedoen met de VS de enige manier is om het unilateralistische beleid van de VS in toom te houden. Vandaar ook hun pleidooien om de NAVO in stand te houden.

Onwettig
Tegenstanders van een aanval op Irak wijzen er op dat deze internationaal onwettig is. Er is sprake van een aanvalsoorlog op een land op dubieuze gronden. Het schept een gevaarlijk precedent voor toekomstige gevallen. Bovendien zijn de gevolgen onvoorspelbaar. Een groot deel van de islamitische wereld kan zich tegen de VS en het westen keren. Dit kan doorwerken in handelsrelaties, investeringen en het stelsel van internationale veiligheidsverdragen.
Voorts zou een aantal landen kunnen besluiten dat alleen massavernietigingswapens enige bescherming bieden tegen Amerikaanse aanvallen, en die ook gaan ontwikkelen. In weerwil van de daarover afgesloten verdragen. Dit proces is sowieso al in werking getreden vanwege het unilaterale optreden van de VS op dit terrein bij het chemische wapenverdrag, de biologische wapenconventie, de ontwikkeling van een raketschild, de afschaffing van het ABM verdrag en het niet ratificeren van het teststopverdrag.
Ook is er vrees voor een toename van het terrorisme. De situatie in de bezette gebieden en Israël kan zich uitbreiden naar de hele westerse wereld. De olieprijs kan zodanig stijgen dat er een wereldwijde recessie volgt, zeker als de olievelden vernietigd worden.
Acceptatie van deze aanval betekent dat elk ander land dat door de VS wordt aangewezen kan worden aangepakt: Iran, Noord?Korea sowieso, maar wie nog meer? Alle landen die misschien potentiële massavernietigingswapens hebben? Het wordt dus een jungle waar de Amerikaanse wet van de sterkste geldt.
Tenslotte worden de onvermijdelijke negatieve gevolgen voor de Irakese bevolking genoemd. In Afghanistan zijn door de bijkomende (collateral damage) gevolgen 3500 doden gevallen. Als er in de Irakese steden wordt gevochten zal dit een meervoud zijn. Daarnaast wordt de door de jarenlange sancties al ontwrichte samenleving nog ernstiger beschadigd.

Voorbereidingen
Het is op dit ogenblik onduidelijk of het besluit tot een aanval daadwerkelijk genomen is. Het debat hierover binnen de Amerikaanse regering lijkt te zijn gewonnen door de haviken, met dien verstande dat de weg naar oorlog via de VN loopt. De toespraak van Bush op 12 september voor de algemene vergadering van de Verenigde Naties was in essentie een ultimatum: als de VN niet in actie komt zullen de VS zelf ingrijpen. Goedkeuring door het Congres is noodzakelijk. Dit zal vermoedelijk in de eerste helft van oktober plaatsvinden.
Desalniettemin worden er wel voorbereidingen getroffen om een aanval uit te voeren. Deze bestaan uit het uitwerken van een aantal mogelijke aanvalsstrategieën, het vormen van een Irakese alternatieve regering en het onder druk zetten van de bondgenoten voor een of andere vorm van steun. Verder worden waar mogelijk militaire maatregelen getroffen. De zware eenheden in Koeweit worden beter uitgerust, de vliegveld faciliteiten in Qatar worden uitgebouwd en er is een constante roulatie van troepen en vliegdekschepen via een permanent oefenschema.
Wat er verder aan opbouw gebeurt hangt af van de gekozen strategie. Een grootscheepse aanval met veel zware eenheden vergt bijvoorbeeld een langere aanloop die moeilijker te verbergen valt. Een oefening die de laatste maanden in de VS gehouden is suggereert dat de aanvalsstrategie volop gebruik zal maken van nieuwe wapens en tactieken zoals elektromagnetische impuls bommen die het elektriciteitsnetwerk lam leggen. Deze technieken zijn vooral van belang om de verbindingen tussen het centrale opperbevel en het Irakese leger te storen.

Verkiezingen
De vraag is of de regering Bush de (eventueel passieve of financiële) steun van de bondgenoten noodzakelijk acht. De toespraak van Bush suggereert dat een veto van een lid van de Veiligheidsraad zal worden genegeerd. Er zijn nog vraagtekens over de Russische, Chinese en Franse posities.
Verder zijn binnenlandse overwegingen van belang. Daarin spelen de verkiezingen een belangrijke rol, omdat een Democratische meerderheid in het Congres de herverkiezing van Bush in 2004 zal bemoeilijken. Omdat een aanval toch onzekerheden over bijvoorbeeld Amerikaanse doden en gewonden met zich mee brengt, is het wenselijk om tot na de verkiezingen van 5 november te wachten. Indien de Palestijnse factor van belang wordt geacht (Powell vindt van wel) dan moet er daarna tijd genomen worden om een manoeuvre naar de Palestijnen te ondernemen. Vóór 5 november is dan onwaarschijnlijk omdat het stemmen zal kosten.
De weersomstandigheden voor het gebruik van grote aantallen grondtroepen en optimale luchtsteun beperken de periode waarin kan worden aangevallen. De maanden januari en februari zijn optimaal (koeler, minder zandstormen), maar het hangt af van de gekozen aanvalsstrategie. Voor een 'kleinschalige aanpak' is november wellicht ook mogelijk. Men kan juist ervoor kiezen om in moeilijker omstandigheden aan te vallen omdat het Irakese leger veel minder hulpmiddelen heeft (bijvoorbeeld voor gevechten in het donker of slecht weer). De hitte is echter moeilijk te overkomen.
Tenslotte is een alternatieve Irakese regering een minimale voorwaarde om aan te vallen, omdat deze zeer snel in Bagdad moet worden geïnstalleerd, na eerst al elders in Irak te zijn gevestigd.

Karel Koster

 

Een uitgebreidere versie van deze tekst is te vinden op www.wereldcrisis.nl

De komende weken vinden er in Nederland demonstraties plaats tegen de dreigende aanval op Irak. Raadpleeg de agenda van www.wereldcrisis.nl voor nadere details.

earthboomklein.gif (4141 bytes)